Samenwerking

Meer regionale samenwerking tussen vmbo en mbo

Dalende leerlingenaantallen en veranderingen op de arbeidsmarkt maken een meer regionale gezamenlijke benadering van het onderwijsaanbod noodzakelijk.

Scholen (vo en mbo) staan samen met arbeidsmarktpartijen voor de uitdaging hier gezamenlijk hun verantwoordelijkheid in te nemen en het beroepsonderwijs meer als één geheel vorm te geven. Hiermee blijft voor de student een goed en toegankelijk onderwijsaanbod overeind.

In 2020 moeten regio’s (vmbo, mbo en arbeidsmarkt) een functionerend samenwerkingsnetwerk hebben ingericht binnen alle opleidingssectoren.

Vmbo’s en mbo’s in de regio maken hiervoor onderling afspraken en bouwen voort op bestaande netwerken. Het gezamenlijke streven van de MBO Raad en de VO-Raad is dat alle regio’s in 2019 samenwerkingsafspraken hebben geformuleerd, waarbij scholen meer gebruik gaan maken van elkaars expertise en faciliteiten. De overheid stelt de komende jaren informatie over vmbo-mbo-arbeidsmarkt in de regio beschikbaar, deelt goede voorbeelden en steunt regionale activiteiten (o.a.  netwerkbijeenkomsten). Overige maatregelen vanuit de overheid, zoals de kwaliteitsagenda’s van mbo’s, het vervolg van het Regionaal investeringsfonds mbo (RIF) en de investering in behoud van vmbo techniek zullen tevens een impuls aan deze regionale samenwerking moeten geven.

Regelruimte om doorlopende routes vmbo – mbo op alle niveaus mogelijk te maken

De overheid gaat er de komende jaren voor zorgen dat jongeren in elke regio de mogelijkheid krijgen om doorlopende routes te volgen. Hiervoor krijgt het beroepsonderwijs regelruimte om doorlopende routes vorm te geven en daarmee het onderwijs te verdiepen, te verrijken of te versnellen.

In 2021 moet elke regio doorlopende leerroutes van vmbo tot mbo bieden passend bij het regionale onderwijsaanbod, waarbij jongeren vanuit vmbo basis en kader de mogelijkheid hebben om een mbo 2 opleiding vanuit de vertrouwde omgeving van het vmbo af te ronden. Het mbo blijft daarbij verantwoordelijk voor de examinering en diplomering.

De nadere vormgeving van de doorlopende leerroutes wordt niet voorgeschreven maar laat de overheid aan de partijen in de regio. Zo is het voor een deel van de jongeren passend om vanuit een vertrouwde vmbo-school een mbo-opleiding te volgen. Er gaat dan geen tijd verloren aan wennen aan een nieuwe omgeving en onderwijstijd kan optimaal worden benut. Een andere mogelijkheid is een geleidelijke overgang naar het mbo waarbij de jongeren de mbo-opleiding starten op een vmbo-locatie en vervolgens steeds meer lessen volgen op het mbo.

Het ministerie van OCW werkt aan een wetsvoorstel dat scholen en instellingen meer ruimte geeft voor samenwerking en het inrichten van doorlopende leerroutes vmbo tot en met mbo. Het wetsvoorstel zal begin 2019 voor consultatie worden aangeboden.

Wist u dat er sinds 2014 experimenten lopen met doorlopende leerroutes?
In afwachting op het wetsvoorstel kunnen scholen doorgaan met de experimenten met vakmanschap-, technologie- en beroepsroutes en deze routes zo nodig uitbreiden.

Al mbo’en tijdens het vmbo’en: goed idee?

Op het vmbo alvast wat proeven van het mbo, geen examens meer hoeven doen en schakelprogramma’s die aansluiten op werkgelegenheid in de regio. Volgens het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap moet de overgang van het vmbo naar het mbo flink op de schop. Wat vinden mbo-studenten van die maatregelen?

Inspiratievideo's samenwerking vmbo-mbo