FAQ

In 2024 worden de gemengde leerweg en de theoretische leerweg samengevoegd tot één nieuwe leerweg.
Op deze pagina vindt u veelgestelde vragen over de nieuwe leerweg.

Op 14 april 2021 heeft er een webinar plaatsgevonden over de nieuwe leerweg. De antwoorden op de vragen die zijn gesteld tijdens het webinar, vindt u in de onderstaande pdf-lijst met veelgestelde vragen met antwoorden.

Bekijk deze FAQ

Nieuwe leerweg

  • In hoeverre is het via de nieuwe leerweg mogelijk versneld een mbo-opleiding te volgen?

    Vmbo en mbo kunnen doorlopende leerroutes ontwikkelen vanuit de gemengde en theoretische leerweg naar een mbo-3 en 4 kwalificatie. Deze mogelijkheid zal er na de samenvoeging van de leerwegen ook zijn. Of dit versneld kan hangt af van de afspraken die vmbo en mbo daar samen over maken. De wet biedt deze ruimte.

  • Hoe verhouden de doorlopende leerroutes en de nieuwe leerweg zich tot elkaar?

    De wet maakt het mogelijk om vanuit de gemengde en theoretische leerwegen doorlopende leerroutes met het mbo in te richten. Aangezien we de komende jaren deze leerwegen samen voegen, blijft het ook daarna mogelijk om dit te doen.

    Sterker nog, het wordt juist interessant om nu als mbo de samenwerking met vmbo-gtl op te zoeken. Wij verplichten pilotscholen om een samenwerking met het mbo (en havo) op te zetten of te intensiveren ten behoeve van het opbouwen en onderwijzen van het praktijkgericht programma.

    Te denken valt aan het opstarten van samenwerking op het gebied van: Levensechte opdrachten; gebruik van mbo-faciliteiten; gezamenlijk LOB; stages; inzet van mbo-docenten/-studenten etc.

    Maar dus ook het inrichten van doorlopende leerroute(s).

    Overigens kunnen ook de niet pilotscholen de samenwerking in de regio op pakken zodra de concept examenprogramma’s bekend zijn (medio mei 2021), ze kunnen dan het vak extra-curriculair gaan aanbieden. Juist voor mavo’s die op dit moment nog weinig regionale contacten hebben, is het wenselijk om het gesprek over vmbo – mbo tijdig te voeren.

  • Hoe betrek ik als vmbo GTL-school het mbo en bedrijfsleven bij de ontwikkelingen?

    Er moet voor de ontwikkeling naar de nieuwe leerweg en het vormgeven van een praktijkgericht programma samengewerkt worden met het mbo en het bedrijfsleven. Het is dan ook van belang dat u op tijd de regionale samenwerking opzet dan wel intensiveert. Te denken valt aan het opstarten van samenwerking op het gebied van:

    • Levensechte opdrachten (inzet van mbo/bedrijven als opdrachtgever en/of als beoordelaar);
    • het bieden van (onderdelen van) het praktijkgerichte programma op de locatie van het mbo/bedrijf;
    • het geven van (onderdelen van) het praktijkgerichte programma door mbo-docenten/-studenten;
    • het gezamenlijk inrichten van LOB, stage-activiteiten of het profielwerkstuk;
    • het inrichten van doorlopende leerroute(s) naar niveau 3 /4.

    Als u gebruik wilt maken van de ruimte die de wet doorlopende leerroutes biedt, dan moet u dit aan de voorkant regelen middels een samenwerkingsovereenkomst. Voor het opstarten en vormgeven van samenwerking kunt u gebruik maken van de bouwstenen die u vindt op de website. Dit zijn hulpmiddelen, geen blauwdrukken. Bepaal zelf wat voor uw regio past en wanneer.

    Mogelijk heeft u als vmbo-school nog geen samenwerking in de regio of staat dit in uw regio nog in de kinderschoenen. Er zijn dan hulpmiddelen die u kunt raadplegen bij het opzetten van samenwerking, bijvoorbeeld de samenwerkingstoolkit van het vmbo-platform Z&W of het Education Model Canvas van STO. U kunt deze tools op alle niveaus van de samenwerking inzetten. Daarnaast kan het reflectie-instrument van de VO-raad ondersteuning bieden bij het opstarten van het regionale gesprek over de samenwerking.

  • Moeten alle leerlingen van onze school straks 1 praktijkgericht programma volgen of is het de bedoeling dat scholen en leerlingen iets te kiezen hebben?

    De pilot start met 12 verschillende praktijkgerichte programma’s. Gedurende de pilot kunnen dit er meer of minder worden. Er is dus niet 1 programma voor alle leerlingen. Bekeken wordt of het systeem van verplichte delen en keuzedelen gehandhaafd kan blijven. De leerweg wordt zo ingericht dat de keuze voor een vervolgopleiding zo lang mogelijk kan worden uitgesteld, met ruimte in het curriculum voor de leerling en voor de school. Dat betekent waarschijnlijk dat scholen uiteindelijk meerdere praktijkgerichte programma’s zullen aanbieden

  • Is er een verplicht moment van profielkeuze in VMBO-t?

    Leerlingen kiezen bij de invoering van de nieuwe leerweg, aan het eind van het tweede leerjaar een praktijkgericht programma.

  • Welk schooljaar wordt de nieuwe leerweg met daarin een praktijkgericht programma echt verplicht?

    In augustus 2024 wordt de nieuwe leerweg landelijk ingevoerd (streefdatum).

  • Mag je als TL gebruik maken van de beroepsgerichte examenprogramma’s E&O en Z&W die zijn ontwikkeld voor de kaderberoepsgerichte leerweg?

    Nee dat kan niet. Voor E&O en Z&W worden in 2020-2021 nieuwe praktijkgerichte examenprogramma’s ontwikkeld. Deze programma’s krijgen dan ook een nieuwe naam

  • Is al bekend of het praktijkgerichte programma met een SE of een CSPE afgesloten wordt?

    Tijdens de pilot wordt het praktijkgerichte programma met een SE afgesloten. Tijdens de pilot wordt nagegaan of dit de meest ideale en meest gewenste manier van afsluiting is.

  • Komt er een tweede ronde aanvragen?

    Er komt wellicht een tweede ronde aanvragen, maar deze zal beperkt qua omvang zijn en is in principe alleen bedoeld voor scholen die met een eigen programma-initiatief, dat is goedgekeurd, deel willen nemen aan de pilot.

  • Moeten de huidige TL leerlingen straks in de nieuwe leerweg 5 avo- vakken kiezen en een praktijkgericht programma, of krijgen ze 6 avo-vakken en een praktijkgericht programma?

    Alle leerlingen in de nieuwe leerweg doen straks in 6 vakken examen. Het praktijkgericht programma is een van die 6 vakken. In de nieuwe leerweg is er geen onderscheid meer tussen TL en GL leerlingen.

  • Is er voor het aanbieden van D&P na de pilotfase een afspraak binnen het RPO nodig?

    Nee, D&P (onder een andere naam) mag ook na de pilot zonder licentie aangeboden worden door alle scholen.

  • Wordt het praktijkgericht programma alleen met een SE afgesloten?

    Dat is op dit moment nog niet bekend. De komende tijd wordt hierover een besluit genomen.

    Uitgangspunt is dat alle leerlingen in de nieuwe leerweg een praktijkgericht programma volgen en afsluiten. En dat dit op een vergelijkbare wijze meegaat in de uitslagbepaling om het diploma in de nieuwe leerweg te halen. Afsluiting van praktijkgerichte programma’s in de pilots met een schoolexamen is één van de opties die daarbij wordt overwogen.

  • Moet elke leerling examen doen in een praktijkgericht programma of is alleen het aanbieden van zo’n programma voldoende?

    Alle leerlingen in de nieuwe leerweg krijgen een praktijkgericht programma aangeboden en moeten dit ook afsluiten. Het cijfer voor het praktijkgericht programma telt op een vergelijkbare wijze, als de avo-vakken, mee in de uitslagbepaling voor het diploma.

  • Is het praktijkgericht programma een verplicht examenvak?

    Ja een praktijkgericht programma is voor alle leerlingen in de nieuwe leerweg een verplicht examenvak dat wordt afgesloten met een examen. Het behaalde cijfer telt mee in de uitslagbepaling.

  • Wat is het verschil tussen de gemengde leerweg en de nieuwe leerweg?

    In 2024 houden de gemengde en de theoretische leerweg op te bestaan en volgen alle leerlingen de nieuwe leerweg. In de nieuwe leerweg volgen alle leerlingen een praktijkgericht programma.

  • Er zijn scholen waar alle TL-leerlingen al verplicht een praktijkgericht programma volgen. Hebben deze scholen nog iets te ontwikkelen voor de nieuwe leerweg?

    In de nieuwe leerweg kunnen 12 praktijkgerichte programma’s aangeboden worden. Alle programma’s die hiervoor zijn aangewezen worden de komende tijd doorontwikkeld. In de doorontwikkelde programma’s staan de regio, LOB en systemisch werken centraal. Dit zijn voor veel scholen nieuwe onderdelen. Daarnaast zullen de praktijkgerichte programma’s meer gericht zijn op een vervolgopleiding  op niveau 4 mbo en het havo. Als de school een ander dan de 12 aangewezen programma’s aanbiedt dan moet dit programma eerst getoetst en goedgekeurd worden voordat het in aanmerking kan komen als praktijkgericht programma.

  • Hoe kan 5+1 leiden tot drempelloze instroom tot de havo?

    Wil een leerling gebruik maken van het wettelijk doorstroomrecht naar het havo, dan moet de leerling met ingang van 1 augustus 2020 met succes eindexamen hebben afgelegd in een extra vak. Dit is geen drempelloos doorstroomrecht. Na de afronding van de pilots, wordt bezien hoe het praktijkgerichte programma zich verhoudt tot dit doorstroomrecht.

  • Hoe sluiten nieuwe leerweg en het havo op elkaar aan als leerlingen straks in 5 avo-vakken examen doen?

    Leerlingen in de nieuwe leerweg doen straks examen in 6 vakken. Het praktijkgerichte programma is een van die vakken. In het praktijkgerichte programma leren leerlingen vaardigheden die heel goed van pas komen op het havo en in het mbo.

    Wil een leerling toelatingsrecht krijgen tot de havo dan moet die leerling een extra vak volgen en afsluiten.

    Voor de aansluiting op het mbo en het havo is veel aandacht tijdens de doorontwikkeling van de praktijkgerichte programma’s tijdens de pilots. Het havoplatform, havo-scholen, mbo’s en de MBO Raad worden ook nadrukkelijk betrokken bij de ontwikkeling van de praktijkgerichte programma’s en de inrichting van de nieuwe leerweg.

  • Is het toegestaan om in de nieuwe leerweg twee varianten aan te bieden, namelijk een variant van het praktijkgericht programma die voorsorteert op het mbo en een andere variant die voorsorteert op het havo?

    Binnen de kaders van een examenprogramma kunt u verschillende varianten uitwerken en accenten leggen, daarbinnen kunt u bovendien maatwerk bieden voor de diverse leerlingen in uw klas. Maar leerlingen volgen wel allemaal hetzelfde examenprogramma.

  • AOC’s bieden leerlingen nu een extra vak aan om de TL te halen. Begrijp ik het goed dat er in de nieuwe leerweg minder vakken nodig zijn om een diploma te halen?

    In de nieuwe leerweg doen leerlingen in 6 vakken examen als ze voor de examens slagen krijgen ze een diploma. Het praktijkgerichte programma maakt onderdeel uit van deze 6 vakken.

    Als de nieuwe leerweg is ingevoerd is er geen onderscheid meer tussen GL en TL en is het aanbieden van extra vakken om een TL-diploma te halen niet meer nodig.

  • Is het praktijkgerichte programma voor de nieuwe leerweg inhoudelijk hetzelfde voor elke school of het nu een beroepsgerichte school is of een avo-school?

    Het examenprogramma van een praktijkgericht programma is voor elke school hetzelfde. Het is aan de school om op basis van een examenprogramma onderwijs te maken. Daarbij kunnen scholen eigen accenten leggen in samenspraak met de regio waarin die school staat.

  • Volgens de website ‘nieuw vmbo’ krijgen beroepsgerichte examenprogramma’s GL een vaste plek in het curriculum van de nieuwe leerweg. Hoe verhoudt zich dit tot het kader dat is vastgesteld voor de nieuwe leerweg?

    Onder de term ‘beroepsgerichte programma’s’ kennen we 10 profielen voor de basis- en de kaderberoepsgerichte leerweg. Onder de naam ‘praktijkgerichte programma’s’ kennen we straks 12 programma’s voor de nieuwe leerweg. De huidige beroepsgerichte programma’s GL worden doorontwikkeld tot praktijkgerichte programma’s in de nieuwe leerweg, drie daarvan (D&P, E&O en Z&W) kunnen zonder licentie aangeboden worden, voor de zeven anderen is een licentie nodig.

  • Wat zijn de verwachtingen omtrent de bekostiging van de nieuwe leerweg? Conform bekostiging GL-leerlingen?

    Er wordt gewerkt aan een nieuwe bekostigingssystematiek voor het VO. Omdat de nieuwe leerweg nog niet bestaat wordt nog uitgegaan van de huidige situatie. Tijdens de pilots wordt bezien welke bekostiging bij invoering van de nieuwe leerweg passend is.

  • Waaruit bestaat de begeleiding van pilot-scholen?

    SLO, Platform TL, SPV en de VO-raad gaan de pilotscholen begeleiden. Dit doen ze door het organiseren van bijeenkomsten voor pilotscholen, door het organiseren van cursussen en trainingen, door het opzetten van een gesloten digitale community en door het beantwoorden van vragen c.q. beschikbaar stellen van tijd.

    Ervaringen van pilotscholen wordt gepubliceerd op de website Sterk beroepsonderwijs.

    Scholen die geen pilotschool zijn, maar zich willen voorbereiden op de komst van de nieuwe leerweg kunnen gebruik maken van het bijscholingsaanbod dat op www.bijscholingvmbo.nl staat

  • Voor onze school komt de pilot te vroeg. Komt er een tweede tranche?

    Besluitvorming hierover moet nog plaatsvinden.

  • Kunnen leerlingen na de invoering van de nieuwe leerweg nog overstappen van havo 3 naar nieuwe leerweg klas 4?

    De overstap van havo 3 naar vmbo 4 kan wel, maar wordt lastiger, omdat havo-leerlingen geen praktijkgericht programma gevolgd hebben.  Gedurende de pilot wordt bekeken of het mogelijk is een programma op maar te maken voor leerlingen die over willen stappen van havo 3 naar vmbo 4.

  • Wanneer wordt de nieuwe leerweg landelijk ingevoerd?

    Op dit moment is het streven de nieuwe leerweg op 1 augustus 2024, met ingang van het schooljaar 2024-2025, landelijk in te voeren.

  • Welke status krijgt het praktijkgerichte programma in de nieuwe leerweg. Wordt het een extra vak?

    In de nieuwe leerweg moeten alle leerlingen een praktijkgericht programma volgen. Leerlingen kunnen alleen een diploma nieuwe leerweg halen als ze, naast de andere vakken, ook het praktijkgerichte programma afgesloten hebben.

    Naast de verplichte vakken en het praktijkgerichte programma kunnen leerlingen extra vakken volgen die niet meetellen in de slaag- zakregeling.

  • Hoeft een school voor de programma’s D&P, Z&W en E&O in de toekomst geen licentie aan te vragen en dit dus ook niet in hun RPO te regelen?

    Om de programma’s D&P, Z&W en E&O (onder een nieuwe naam en met een doorontwikkelde inhoud) in de nieuwe leerweg aan te mogen bieden hoeft een school geen licentie te hebben. Voor de basis- en kaderberoepsgerichte leerwegen is deze licentie wel noodzakelijk.

    In een RPO kan afgesproken worden welke school welke praktijkgerichte programma’s aanbiedt, maar hierover hoeft geen overeenstemming bereikt te worden.

  • De invoering van de nieuwe leerweg vindt op zijn vroegst in het schooljaar 2024-2025 plaats. Wat kan ik als school dan doen om me voor te bereiden?

    Geadviseerd wordt in elk geval de ontwikkelingen op de voet te volgen. Dat kan via de website www.sterkberoepsonderwijs en via de aan deze website gekoppelde nieuwsbrief. Daarnaast kunt u bijeenkomsten bezoeken.
    Op school kunt u starten met de ontwikkeling van een visie op de nieuwe leerweg en op basis daarvan bepalen welke praktijkgerichte programma’s u aan wilt gaan bieden. Met deze programma’s kunt u al ervaring opdoen door ze als extra vak aan te bieden. Daarnaast kunnen docenten cursussen en trainingen volgen als voorbereiding op de invoering van de nieuwe leerweg, zie www.bijscholingvmbo.nl

  • Tot 2024 blijven de huidige beroepsgerichte examenprogramma’s bestaan, worden het daarna praktijkgerichte programma’s?

    Tot 2024 kunnen scholen de huidige beroepsgerichte examenprogramma’s aan blijven bieden en af blijven sluiten. Tussen 2020 en 2024 worden deze programma’s, voor de nieuwe leerweg, doorontwikkeld tot praktijkgerichte programma’s. Zodra de nieuwe leerweg landelijk is ingevoerd moeten scholen de praktijkgerichte programma’s aan gaan bieden en houden de beroepsgerichte programma’s voor de GL op te bestaan. Voor de BB en KB verandert er niets.

  • Mag je meerdere praktijkgerichte programma’s aanbieden om zo meer tegemoet te komen aan de interesses van leerlingen?

    Ja, dat mag zeker. dat is zelfs wenselijk.

  • Waarom wordt het mogelijk om D&P zonder licentie aan te bieden?

    Het wordt niet mogelijk om D&P zonder licentie aan te bieden in de BB en KB. Het wordt mogelijk om een doorontwikkelde versie van D&P onder een nieuwe naam, aan te bieden zonder licentie. Bij de doorontwikkeling wordt er rekening mee gehouden dat alle scholen binnen de nieuwe leerweg het programma aan kunnen gaan bieden. Vandaar dat het programma in de pilot en nieuwe leerweg een andere naam gaat krijgen.

  • Mag je als categoriale mavo-school zonder licenties voor beroepsgerichte programma’s starten met de nieuwe leerweg?

    Ja, als school die de nieuwe leerweg aanbiedt is het vanaf 2024 mogelijk om de programma’s T&T, IT (informatietechnologie) en de doorontwikkelde versies van  D&P, Z&W en E&O aan te bieden. Hiervoor heeft een school geen licentie nodig.

  • Informatietechnologie kan al als algemeen vak in het vrije deel aangeboden worden in de GL en TL, daar is geen afspraak in het RPO voor nodig. Blijft dit zo?

    Ja, Informatietechnologie is een van de praktijkgerichte programma’s die zonder licentie aangeboden kan worden. Het vak informatietechnologie wordt wel doorontwikkeld tot een praktijkgericht programma. Als informatietechnologie een praktijkgericht programma is, kan het niet meer als avo-vak aangeboden worden.

  • Op onze school worden LO2 en Beeldende vorming (kunstvakken) als praktijkgerichte programma’s aangeboden. Kunnen wij hier gewoon mee doorgaan?

    U kunt deze vakken als avo-vakken aan blijven bieden. Maar niet als praktijkgericht programma.

  • Wanneer gaan de trainingen voor de nieuwe leerweg van start en waar kan ik die vinden?

    De trainingen kunnen door alle vmbo-docenten, onderwijsassistenten en instructeurs gevolgd worden. Ze zijn te vinden op www.bijscholingvmbo.nl

  • Wij zijn een vmbo-t. Wat betekent de nieuwe leerweg voor ons onderwijs?

    Als in 2024 de nieuwe leerweg landelijk wordt ingevoerd houdt de theoretische leerweg op te bestaan. Uw school moet dan overschakelen naar de nieuwe leerweg en naast avo-vakken een praktijkgericht programma aanbieden aan alle leerlingen in klas 3 en 4.

  • Wij hebben geen uitgebreid technieklokaal, maar willen samenwerken met scholen die dit wel hebben om leerlingen zo kennis te laten maken met de beroepspraktijk. Wat zijn de mogelijkheden?

    U kunt samenwerking zoeken met collega vmbo-scholen, maar ook met een mbo in de buurt en leerlingen op die school lessen laten volgen. Aan deze samenwerking moet een samenwerkingsovereenkomst ten grondslag liggen. Voorbeelden hiervan vindt u op www.sterkberoepsonderwijs.nl

  • Is een doorlopende leerroute straks vanuit de nieuwe leerweg ook mogelijk?

    Ja. Ook vanuit de nieuwe leerweg wordt het mogelijk met het mbo een gezamenlijk onderwijsprogramma vorm te geven dat start in het derde jaar van het vmbo en eindigt met een mbo-diploma niveau 3 of 4. In de pilots met praktijkgerichte programma’s voor de nieuwe leerweg die eind 2020 starten zal hier ook vanaf het begin nadrukkelijk aandacht voor zijn. Het is de bedoeling dat iedere pilotschool het vervolgonderwijs structureel betrekt bij de vormgeving van het onderwijs in het praktijkgericht programma dat de school aanbiedt.

    Meer weten over de pilot
  • Wat is de plaats van LOB in de nieuwe leerweg?

    LOB maakt in de nieuwe leerweg integraal onderdeel uit van het programma op een vergelijkbare manier als LOB nu een rol speelt in de beroepsgerichte programma’s en in de TL.

  • In hoeverre kan de nieuwe leerweg gebruik maken van de mogelijkheden die de wet doorlopende leerroutes biedt?

    De wet doorlopende leerroutes gaat met ingang van het schooljaar 2020-2021 in en biedt scholen de mogelijkheid een doorlopende leerroute aan te bieden vanaf leerjaar 3 in het vmbo tot het diploma in het mbo. Voor de nieuwe leerweg gaat het om een route naar een opleiding op mbo-niveau 4. Scholen hebben de mogelijkheid één onderwijsprogramma te ontwikkelen voor de hele leerweg. In dat programma kunnen leerlingen gespreid examen doen. Met het examen kan gestart worden in leerjaar 3 van het vmbo. Het vmbo-examen moet afgerond worden in leerjaar 1 van het mbo.

    Meer informatie over doorlopende leerroutes
  • Blijft de nieuwe leerweg zo of komt er een andere naam?

    Er komt een andere naam, maar op dit moment is nog niet welke. Scholen kunnen hierover meedenken. Suggesties zijn van harte welkom.

  • Waarom komt er een nieuwe leerweg?

    Minder leerwegen komt de herkenbaarheid van het vmbo ten goede, zeker omdat de gemengde (gl) en theoretische leerwegen (tl) hetzelfde niveau hebben met dezelfde doorstroomperspectieven. In die nieuwe leerweg krijgen alle jongeren een praktijkgerichte programma, wat nu nog door jongeren, vervolgopleidingen en hun toekomstige werkgevers wordt gemist. Dit versoepelt de aansluiting op mbo en havo.

  • Krijgen de beroepsgerichte programma’s van de huidige gemengde leerweg een plaats in de nieuwe leerweg?

    Ja. In de nieuwe leerweg blijft het mogelijk een beroepsgericht examenprogramma aan te bieden, deze programma’s worden doorontwikkeld tot praktijkgerichte examenprogramma’s die goed aansluiten op mbo en havo.

  • Moeten alle gtl-scholen straks T&T gaan aanbieden in de nieuwe leerweg?

    Nee. Een uitgangspunt van de nieuwe leerweg is dat er ruimte is voor verschillen tussen scholen en voor verschillen tussen leerlingen. Binnen grenzen, bepalen scholen welke programma(’s) ze aanbieden en kunnen leerlingen uit dat aanbod kiezen. De komende jaren worden er 12 praktijkgerichte programma’s ontwikkeld, waaruit scholen een keus kunnen maken.

  • Moeten categoriale mavo’s straks ook een praktijkgericht programma aan gaan bieden?

    Ja, alle leerlingen krijgen straks in de nieuwe leerweg een praktijkgericht programma. Bij het uitwerken van de praktijkgerichte programma’s wordt rekening gehouden met verschillen tussen scholen.

  • Is een doorlopende leerroute voor vmbo-tl naar mbo-4 ook mogelijk en zo ja, zijn hier voorbeelden van?

    Jazeker. Ook scholen met een vmbo-tl kunnen samen met een mbo-instelling doorlopende leerroutes bieden vanaf de bovenbouw vmbo tot en met een mbo 4 diploma. Deze jongeren vervolgen hun opleiding immers vooral op het mbo. Een voorbeeld is de Talent Ontwikkeling Techniek-route (TOT-route), een doorlopende route van de vmbo-scholen De Uilenhof (Gorinchem), Insula (Dordrecht) en ROC DaVinci (Dordrecht).

  • Wij willen leerlingen kennis laten maken met de wereld van arbeid en beroep en ontwikkelen daarom een doorlopende stage als praktijkgericht programma. Leerlingen maken zo 4 uur per week echt kennis met de praktijk. Mag dat?

    Stage is voor leerlingen erg belangrijk om praktijkervaring op te doen en draagt bij aan het nadenken over een mogelijke opleiding en/of beroep. Stage is geen doel op zich, het is een manier waarop leerlingen kunnen leren. Een praktijkgericht programma dat alleen uit stage bestaat zal niet goedgekeurd worden. Een praktijkgericht examenprogramma moet vakinhoud hebben, praktijk en theorie, die leerlingen moeten ontwikkelen en die ze leren toepassen. Stage of ‘werknemersvaardigheden’ maken daar deel van uit, maar staan niet op zichzelf.